Khoder and his father in their shed in Tripoli. Picture taken by author

Van vervuiling naar verwerking: een kwestie van cultuur

We zien afval tegenwoordig steeds meer als een economische mogelijkheid in plaats van een probleem waar we anderen mee opzadelen. Dit is een gevolg van de wereldwijde overtuiging dat we de verslechtering van onze gezondheid moeten tegengaan en een circulair economisch systeem moeten ontwikkelen. Te midden van al die mondiale ontwikkelingen, zijn het de lokale omstandigheden die bepalen hoe die omslag plaatsvindt. Die omschakeling brengt wel allerlei culturele dilemma’s met zich mee. Zo ook in Tripoli, de tweede stad van Libanon.

Afval dat terecht komt in de natuur of op een onjuiste manier verwerkt wordt vormt een gevaar voor onze natuurlijke omgeving en onze gezondheid. Terwijl negentien procent van het plastic belandt in de natuur – en de productie van dat plastic bijdraagt aan de klimaatcrisis – heeft zich de afgelopen decennia een systeem ontwikkeld waarbij afval verhandeld wordt tussen verschillende landen. Terwijl de VN zich anno 2021 buigt over hoe de internationale afvalhandel en de effecten die het heeft op de vervuiling van onze leefomgeving kan worden teruggedrongen, zijn er genoeg andere manieren waarop we ons afval duurzaam kunnen verwerken. De veronderstelling dat afval bestaat uit onbruikbare, vieze en ongewilde ‘dingen’ waar we vanaf willen, maakt in toenemende mate plaats voor de economische mogelijkheden die we nu zien in afval.

Antropoloog Mary Douglas wees ons in de jaren zeventig op dat wat beschouwd wordt als onrein en ongewild, een kwestie is van culturele classificatie. We gebruiken culturele classificatiesystemen om cognitieve orde te scheppen in de materiële wereld waarin we leven. Met andere woorden; op basis van onze cultuur bepalen we wat waarde heeft in die materiële wereld. Cultuur bepaalt dus ook wat we beschouwen als ‘afval’ en hoe we er ons tot verhouden en gedragen. Terwijl we staan voor de enorme opgave om onze natuurlijke omgeving te herwaarderen en te beschermen tegen vervuiling, veranderen ook onze economische en culturele waarden ten aanzien van afval. Met de opkomende cultuur van ‘duurzame ontwikkeling’, gekatalyseerd door internationaal beleid rondom de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties, wordt onze materiële wereld geherwaardeerd. Hoe dat gebeurt hangt dus af van de lokale cultuur waarbinnen de effecten van mondiale veranderingen plaatsvinden.

De Libanese afvalcrisis

De staat van het Libanese afvalverwerkingssysteem en omgang met afval staat verre van deze ideeën rondom duurzaamheid en duurzame ontwikkeling. In de zomer van 2015 stapelden de problemen zich op en werd in Beiroet en de omringende regio Mount Lebanon wekenlang het afval niet opgehaald. Volgens de bewoners, die zich als gevolg van de stankoverlast van de metershoge afvalbergen in de straten protesterend samenvoegden op het centrale plein in de stad, is de afvalcrisis een direct gevolg van corruptie en mismanagement van de staat.

De crisis begon toen het contract met toenmalig afvalverwerkingsdienst Sukleen niet door de overheid werd verlengd. Tegelijkertijd werd de grootste afvalberg in de regio gesloten omdat het over zijn capaciteit ging. In de maanden die volgden dienden nieuwe – aan politici gelinkte – bedrijven zich aan die zich wel over het afval wilden ontfermen. Die vroegen alleen zó’n exorbitante prijzen dat geen van hen een contract met de overheid kreeg.

Het afvalprobleem is daarmee vooral een symptoom van het dieper liggende probleem van corruptie en mismanagement dat kenmerkend is voor de Libanese staat. Ondanks de 420 miljoen dollar die ze gemiddeld jaarlijks besteed aan ‘afvalverwerking’ is het effect daarvan nauwelijks zichtbaar. Als gevolg van een gebrek aan een strategie voor de verwerking van dat wat wordt opgehaald, wordt het overgrote deel ongesorteerd en – samen met industrieel en medisch afval – naar afvalbergen gebracht die in sommige gevallen vele meters hoger zijn dan gepland.

Aan de eis van de protesterende burgers om de overheid te laten opstappen en hervormingen door te voeren om een oplossing voor het afvalprobleem te vinden, werd niet voldaan. De beschuldigingen van de inwoners zijn niet loos gebleken; onderzoeken wijzen uit dat er sprake is van een cultuur van corruptie, het ontlopen van verantwoordelijkheid, een gebrek aan planning en toezicht en een gebrek aan ondersteuning en samenwerking. Nog altijd komt veel van het afval in de natuur terecht, wordt het gedumpt op afvalbergen of wordt op grote schaal verbrand.

Zo werden in oktober twee Libanese zakenmannen, Jihad al-Arab en Dany Khoury, door de VS onder sancties geplaats vanwege corrupte praktijken in de afvalverwerkingssector. Door hun nauwe contacten met politici wisten ze de afgelopen jaren miljoenencontracten in de wacht te slepen voor afvalverwerkingsdiensten. Echt afval verwerken deden ze niet: rommel werd massaal in de natuur gedumpt, waardoor het afvalprobleem voortduurt. De huidige overheid heeft momenteel niet de politieke en financiële middelen om nieuwe oplossingen te vinden, waardoor het afval zich wederom opstapelt in de straten.

De diepe economische crisis waar Libanon anno 2021 mee kampt, heeft de afgelopen maanden geleid tot een nieuwe afvalcrisis. Door de hyperinflatie zijn contracten en salarissen die de overheid uitbetaalt in Libanese Lira, nog maar een fractie waard ten opzichte van de tijd vóór de crisis. Het aantal mensen dat in de afvalbakken klimt om naar voedsel en bruikbare goederen te zoeken is enorm toegenomen. Mannen en jongens met karren vol plastic en andere herbruikbare stoffen zijn onderdeel van het dagelijkse straatbeeld en maken het plaatje van Libanon als ontwikkelingsland compleet.

Tripoli – een stad met mogelijkheden

In Tripoli, de tweede grootste stad van Libanon, is dit fenomeen op grotere schaal aanwezig dan in de rest van het land. De stad kent de hoogste armoedecijfers en wordt beleidsmatig al jaren achtergesteld door de centrale macht in Beiroet. Tripoli laat bij een groot deel van de Libanese bevolking een beeld achter van een onderontwikkelde stad die gemeden moet worden. Zodra je verder kijkt dan het stereotype beeld van de stad, dan zie je dat juist hier de culturele waarden leiden tot creatieve oplossingen in de hedendaagse uitdagingen.

In eerste opzicht lijkt een bewustzijn voor recycling en duurzame ontwikkeling in Tripoli afwezig. Ook hier wordt het afval voornamelijk op straat gedumpt en is het verbranden van afvalhopen een vertrouwd onderdeel van het straatbeeld. Toch speelt zich in deze stad een kleine revolutie af. Daar waar de Libanese staat schittert door afwezigheid, staan er lokaal mensen op om daar verandering in te brengen.

Afval wordt gedumpt en verbrand aan een doorgaande weg in Koura met in de verte op de achtergrond de contouren van de stad Tripoli. Foto genomen door auteur

De 30-jarige Khoder Eid zet zich in om het bewustzijn over het belang van afvalverwerking in de wijken van Tripoli te vergroten en zet huishoudens aan om hun afval te sorteren en te recyclen. In 2015 startte hij zijn initiatief met de huishoudens van Jabal Mohsen, een wijk getekend door de politiek-religieuze oorlog die jarenlang woedde met de naburig gelegen wijk Bab-el Tebbeneh in het noordoosten van de stad. Inmiddels is Green Track uitgegroeid tot een NGO die tot buiten de grenzen van de stad samenwerkt om mensen te mobiliseren het afvalprobleem aan te pakken. Ik spreek hem in zijn loods in Jabal Mohsen, waar hij en zijn team het ingezamelde afval verzamelen, sorteren en verwerken. Zijn keuze om zijn initiatief in Tripoli te starten is bewust.

‘De focus ligt altijd op Beiroet, en daarom besloot ik om het afvalmanagementprobleem op te lossen in mijn eigen stad, Tripoli. We hebben slecht afvalmanagement vanwege de corruptie en de cultuur. Ze verzamelen het en storten het allemaal op dezelfde afvalberg, terwijl het vrijwel onmogelijk is om het uit te sorteren zodra het op die berg ligt. Er is in de afgelopen jaren 11 miljard gespendeerd aan het afvalprobleem, maar er is nog steeds geen oplossing terwijl dit geld van onze bankrekeningen komt en wij met de problemen blijven zitten.’

Het afval bij de bron sorteren, vóórdat het op de afvalberg terecht komt, is volgens Khoder de enige oplossing om de voortdurende crisis het hoofd te bieden. Ondanks dat het meeste afval wel op de afvalberg ten noorden van Tripoli terecht komt, betekent dit niet dat er sprake is van ‘management’. De gemeentelijke plannen voorzagen een afvalberg van zo’n 12 meter, maar tegenwoordig is de berg zo’n 32 meter hoog. Volgens Khoder is het een kwestie van tijd totdat de rest van het afval in Tripoli in de straten terecht komt. Dat wil zeggen: nóg meer dan nu al het geval is.

Het culturele proces

Een bewustwordingscampagne in zijn eigen wijk vormt de start van zijn initiatief. Khoder beoogt een cultuuromslag die start op het huishoudelijk niveau in samenwerking met vrouwen. Hij zet zijn moeder en haar vriendinnen aan om bij de verschillende huishoudens langs te gaan en met de vrouwen te spreken over hoe ze met hun afval omgaan.

‘Zij zijn degene die in de keuken staan en zorgdragen voor het eten. Zij leiden het huishouden en zijn dus verantwoordelijk voor het afval. Bovendien, omdat het hier gebruikelijk is dat vrouwen vooral binnenshuis blijven, zijn ze gemakkelijk benaderbaar. Dus we zijn een deur-tot-deurcampagne gestart om met deze vrouwen te spreken. We willen ze uitleggen dat we gezamenlijk een milieuprobleem hebben, een financieel probleem, een probleem met de publieke gezondheid en dat wat zíj in de keuken doen, daar een impact op heeft.’

Wat hij doet blijkt succesvol. Een groeiende groep huishoudens sluit zich aan bij zijn beweging om afval te sorteren en het bij hun in te leveren. Vrouwen in de verschillende wijken die voorheen met elkaar in conflict waren, werken nu samen in vrijwilligersteams om het afvalprobleem aan te pakken. Volgend op de bewustzijnscampagne stuurt hij twee keer per week een tweede team van jongeren met een pick-up truck de wijk in om de materialen op te halen. Door te luisteren naar de gemeenschap weet Khoder wat ervoor nodig is om de beoogde cultuuromslag te bewerkstelligen.

Vrouwen zijn degenen die in de keuken staan en zorgdragen voor het eten. Zij leiden het huishouden en zijn verantwoordelijk voor het afval

‘Ze willen een zetje krijgen. Ze willen dat iemand ze komt vertellen wat ze moeten doen. Ze willen dat iemand ze de tools aanreikt en dat ze er iets voor terug krijgen. Als dat nodig is om verandering te creëren, dan geef ik ze wat ze nodig hebben. Willen ze een afvalzak om te recyclen, dan geef ik ze een zak. Willen ze een afvalbak om te recyclen, dan geef ik ze een bak. Willen ze iemand om naar te luisteren en ze te leren, dan is dat wat we doen.’

De bewustwordingscampagne heeft daarmee vooral effect wanneer ze de vrouwen aanspreken op de rol ze vervullen in hun gemeenschap. Bewustzijn met betrekking tot het milieu en de publieke gezondheid staat te ver van ze af. Khoder probeert hen dan ook vooral aan te spreken op hun ervaringen.

‘Het betekent iets voor hun dat hun wijk hiermee bezig is. Juist vanwege onze cultuur is dit alleen hier mogelijk, dat vrouwen de tijd hebben om op pad te gaan en direct met anderen het gesprek aan kunnen gaan. Dat betekent iets voor ze. Het gaat om het gevoel dat ze iets goeds doen. Een van de vrouwen die met mijn moeder op pad gaat heeft geen kinderen. Gedurende de dag is ze vrij en vult ze haar tijd met nieuwe mensen ontmoeten. Sinds ze met ons werkt heeft ze het gevoel dat ze iets te doen heeft. Tegelijkertijd is het zo dat in de zomer de stank van de afvalberg tot hier te ruiken is. We gebruiken dat als een van de argumenten; kijk naar die afvalberg en besef je dat dát is wat we hier ruiken. We kunnen daardoor het gesprek aangaan over de consequenties van slecht afvalmanagement. We moeten ze aanmoedigen er iets mee te doen.’

Met zijn campagnes introduceert Khoder een vorm van organisatie die te verenigen is met de – veelal conservatief islamitische – cultuur in de wijken van Tripoli. Door het opbouwen van relaties met de huishoudens, herhaaldelijk bij de vrouwen langs te gaan, contacten te onderhouden door middel van Whatsappgroepen en door ze om de paar maanden te belonen met producten die ze nodig hebben, creëert hij een community. Inmiddels werkt hij in vier verschillende wijken in Tripoli en is hij bezig met verschillende projecten en samenwerkingsverbanden binnen en buiten de stad. Recent hebben zich bij hem verschillende jongeren uit Zgharta, Minnieh, Dannieh, Koura en Bcharre aangesloten die elk in hun eigen regio als teamleider met het afvalprobleem aan de slag gaan onder de naam van Green Track. Hij breidt de organisatie daarmee uit over een groot deel van het noorden van Libanon.

Binnen Tripoli is Khoder de samenwerking aangegaan met Georges Bitar en zijn Live Love Recycle programma. Georges en zijn team ontwikkelden een app en een platform – Live Love Recycle – waarmee gebruikers een afspraak in kunnen plannen om hun recyclebare materialen gratis thuis te laten ophalen. De materialen worden vervolgens in een loods worden gesorteerd en doorverkocht aan bedrijven. Inmiddels zijn ze actief in Beiroet, Jounieh, Matn, Baabda en, Tripoli. In Tripoli leveren ze het materiaal in bij Khoder, die er met zijn team mee aan de slag gaat.

Georges legt uit dat hun bewustzijnscampagne zich voornamelijk op sociale media afspeelt. Door gebruik van sociale media zoals Facebook, Instagram en Whatsapp hopen ze huishoudens te bereiken. Het is hun wens zich verder uit te breiden naar nog meer regio’s in Libanon, maar de huidige crisissituatie in het land werpt daarin de nodige beperkingen op.

Voor zowel Georges als Khoder geldt dat de stijgende benzineprijs en de voortdurende economische crisis hen voor steeds grotere uitdagingen stelt. De kosten voor inzameling blijven stijgen, terwijl ze hun diensten gratis aanbieden. Tegelijkertijd merken ze beiden dat, ondanks de crisis en de zorgen die dat op huishoudelijk niveau met zich meebrengt, mensen toch blijven recyclen.

Khoder en zijn vader in hun loods in Tripoli. Foto genomen door auteur

Khoder ziet zich gemotiveerd om zich te blijven focussen op de beoogde cultuuromslag. ‘Waar het om gaat, is hoe we over afval denken. Het ís geen afval, het zijn mogelijkheden omdat we het kunnen hergebruiken. We zijn nu aan het kijken naar hoe we het materiaal kunnen verwerken om uiteindelijk schone grondstoffen te kunnen verkopen en exporteren. Materiaal waar de industrie iets mee kan.’

In het herclassificeren van afval als herbruikbare materialen, wordt een nieuwe stap toegevoegd aan het proces van afvalverwerking; het toevoegen van economische waarde door het materiaal schoon te maken, te granuleren en als grondstof door te verkopen. Ze zijn daarvan echter wel afhankelijk van de bereidheid van anderen om het materiaal te sorteren en in te leveren. Wat beschouwt men in Tripoli als afval en welke gedragingen horen daarbij? Wat beschouwt men in Tripoli als waardevol, ordelijk of wanordelijk met betrekking tot de materiële omgeving?

De logica en de culturele waarde van de materiële omgeving

Juist door de diepe en grootschalige armoede, is voor velen hergebruik een vanzelfsprekend onderdeel van hoe ze met hun materiële omgeving omgaan. Voor mijn buurvrouw Nour is het absoluut taboe om iets weg te gooien. Lege plastic flessen gebruikt ze om op het balkon zaadjes in te ontkiemen, die ze vervolgens plant in lege emmers die dienen als plantenbakken. GFT-afval vangt ze op in een aparte emmer, waarna het dient als compost voor de groenten die ze zelf kweekt omdat de continu stijgende voedselprijzen haar koopkracht aanzienlijk verminderd heeft. Dit had niet zoveel te maken met een bewustzijn voor het milieu of hun gezondheid, maar is simpelweg een coping-strategie om zich financieel te redden; alles wat hergebruikt kan worden, wordt hergebruikt.

De logica van Nour is illustratief is voor de cultuur in Tripoli, waar circulaire economie en de economische waarde van ‘afval’ wel degelijk onderdeel van uitmaken. Khoder laat zien dat het begrijpen van, en aansluiten bij de lokale realiteit een succesfactor is in de omslag naar duurzaam denken en het creëren van circulaire economie.  In plaats van dat Tripoli louter een arme, conservatieve stad is met veel armoede, is het ook een plek waar de elementen van de bestaande cultuur voorziet in mogelijkheden om een beweging op gang te brengen richting een circulair economisch systeem dat stap voor stap kan bijdragen aan het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen. Mensen als Khoder en Georges spreken weliswaar van een nieuwe vorm van organisatie, maar de omstandigheden en de logica zelf, waren in in Tripoli allang aanwezig.

Viviane Hamans is antropoloog en sociaal-maatschappelijk werker in Libanon. Ze is gespecialiseerd in vraagstukken met betrekking tot ongelijkheid en duurzame ontwikkeling in het Midden-Oosten.

Deze website gebruikt cookies om uw ervaring te verbeteren. Door op de 'accepteer' knop of andere links in de site te klikken, geeft u aan hiermee akkoord te gaan.