Wildfires raging in Algeria @ Makaveli photograpie

Brandbestrijding rond de Middellandse Zee vraagt om een holistisch plan

De afgelopen 150 jaar zijn we wereldwijd 45 miljoen hectare bos kwijtgeraakt door branden, waarbij 495 ton koolstofdioxide vrijkwam. Dit verlies van ongeveer 2,5 miljard bomen heeft bovendien de gedwongen migratie van 50 miljoen mensen veroorzaakt. Dit jaar werden we verrast door de snelheid van ongekende aantallen verwoestende bosbranden rond de Middellandse Zee. Onbeheersbare branden zijn een regelmatig terugkerend fenomeen geworden en Tunesië, Algerije, Libanon, Turkije en Griekenland haalden het internationale nieuws. Wat veroorzaakt deze branden en hoe kunnen we helpen een regio te beschermen die toeristen trekt vanwege het milde weer en de prachtige natuur, zodat deze niet verandert in een verbrande woestijn?

Eén uit duizenden

Het Middellandsezeegebied telt 290 boomsoorten, tegenover 135 voor niet-mediterraan Europa. We zijn getuige van escalerende branden zoals die in 100 of 1000 jaar niet zijn voorgekomen. Ze kosten mensenlevens en bedreigen de mediterrane biodiversiteit. Ingeklemd tussen drie enorme landmassa’s, Azië, Europa en Afrika, zijn de zee en aangrenzende regio’s erg kwetsbaar. Hoewel klimaatverandering de hele wereld raakt, is de temperatuur rond de Middellandse Zee twintig procent sneller gestegen dan in de rest van de wereld.

In de nabije toekomst zal 64 procent van de niet-geïrrigeerde planten verdwijnen en 71 procent van de geïrrigeerde planten zal verloren gaan door tekort aan zoet water. Voor het Midden-Oosten is de anderhalve graad temperatuurstijging een gepasseerd station, en het droge seizoen kan er zeven of acht maanden duren. De dagen dat de temperatuur er boven de 50 graden uitkomt nemen al toe in de regio, terwijl er een afname is van regenachtige dagen en van sneeuwlagen op bergen, zoals in Libanon. Als de regio te maken krijgt met een stijging van twee graden, zou 87 procent van de bossen verloren gaan aan bosbranden.

Afrikaanse ceders

Deze crisis leert ons ook nieuwe feiten over het Middellandse Zeegebied, bijvoorbeeld het feit dat er inheemse cederbomen zijn in Noord-Afrika. Atlascederbossen in Algerije behoren tot de belangrijkste en meest vitale delen van het ecologische erfgoed van het land. “The Cedar Tree Association” is opgericht door jonge Algerijnen uit diverse professionele achtergronden, van gezondheidswerkers, journalisten, advocaten, tot architecten. De ceder van de Atlas (“Cedrus Atlantica” in het Latijn, “Al-Arz” in het Arabisch, “Idhguel” in Amazigh of Berbers), kan wel vijftig meter hoog worden, en kan verschillende eeuwen leven, groeiend op bergen van 1500 tot wel 2500 meter hoog. De opwarming van de aarde en de enorme branden vormen een grote bedreiging voor de cederbossen, waardoor ze ​​op het punt van uitsterven staan.

Er zit nog een andere kant aan dit verhaal: in het noorden van Afrika zijn bossen het thuis en het spirituele thuisland van de inheemse bevolking. Bosbranden vernietigen veel meer dan materie of zelfs mensenlevens; voor de Amazigh-bevolking is dit een verbranding van hun culturele, historische erfgoed en voorouderlijk huis. Dergelijk verlies, dat door regeringen wordt gezien als nog weer een gebied dat verloren gaat door natuurbranden, veroorzaakt dus niet alleen ecologische schade, maar ook culturele en sociale schade die samenlevingen kan polariseren en nieuwe spanningen kan veroorzaken. Het voorkomen van bosbranden van deze bossen van inheemse volkeren helpt landen dus óók om politieke en sociale harmonie te waarborgen.

In het land dat een cederboom heeft op zijn vlag, Libanon, hebben bosbranden de afgelopen drie jaar gewoed in hoge bergen waar 800 jaar oude bomen groeien. Op deze hoogtes valt sowieso nauwelijks meer sneeuw, maar dat er ook bosbranden toeslaan is nieuw. Bossen met bomen van meer dan 500 jaar oud kunnen binnen enkele uren verbranden. Libanon heeft nu ongeveer de helft van het jaar te maken met branden. Grote bosbranden ontstaan in Libanon ontstaan bij al zodra de temperatuur twee graden hoger is dan normaal, in combinatie met een lage luchtvochtigheid. De gemiddelde duur van branden wordt ook langer, soms tot wel 150 dagen.

 

'Cedars of God' in Lebanon. @ Jerzy Strzelecki, https://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/deed.en

Tachtig procent van de branden in Libanon wordt onbedoeld veroorzaakt door nalatige mensen, zoals boeren die hun land ontruimen op de goedkoopste manier, met vuur. Of door kampvuren of andere recreatieve activiteiten die uit de hand lopen. Andere problemen zijn het verbranden van afval op grote stortplaatsen in de omgeving van bossen, en de nabijheid van steden die zich uitstrekken tot vlakbij of zelfs in bossen, zonder een goede bufferzone. Nadat er vijftien jaar bewust was gewerkt aan herbebossing, vernietigde in 2019 een reeks branden meer dan 3000 hectare bos en vernietigde het werk van anderhalf decennium in een paar uur tijd.

In 2021 kwamen in Algerije 90 mensen om het leven door bosbranden. Het land heeft te maken met gemiddeld 1.500 branden die jaarlijks 35.000 hectare beslaan en de laatste jaren neemt het aantal grote branden enorm toe. De schatting in Algerije is dat 30 procent van de branden een natuurlijke oorzaak heeft of onbedoeld is ontstaan, ​​en dat 70 procent is veroorzaakt door brandstichting. Politieke brandstichting wordt gebruikt als een manier om zich te verzetten tegen de regering of bepaalde machthebbers, maar leidt uiteindelijk tot veel meer permanente schade. Algerije heeft zijn wetten gewijzigd. Op het onopzettelijk veroorzaken van brand staat nu tien jaar gevangenisstraf. Voor brandstichting kan de doodstraf worden gegeven.

Hulp van voorouders

Om oplossingen te vinden, moeten we de oorzaken van deze veranderingen begrijpen. Laten we er een paar bekijken. De landbouwrevolutie 13 duizend jaar geleden begon in de Vruchtbare Halve Maan en verspreidde zich van daaruit naar de wereld om die voorgoed te veranderen. De Middellandsezeekusten zijn de laatste duizend jaar uitgebreid gecultiveerd. Waar planten en bossen zijn, zijn branden. Bosbranden zijn een oud fenomeen, ze ontstaan ​​door blikseminslag of andere natuurlijke oorzaken, maar hun aantal, de grootte van de brandende gebieden, de lengte van hun duur en de patronen van hoe ze zich verspreiden, zijn veranderd.

Beperkte en kleine branden werden gebruikt om de bodem te verrijken en te vernieuwen. Grote en aanhoudende bosbranden veroorzaken verwoestijning, verlies aan biodiversiteit, erosies en overstromingen. De branden en de berichtgeving daarover maken het toerisme kapot dat is gebaseerd op mooi weer, rijke natuur en de geschiedenis van het land.

Landbouw en toerisme zullen nooit meer hetzelfde zijn. Het verlies van banen en huizen leidt tot ontvolking en vergroot de economische kloof tussen burgers, wat weer bijdraagt ​​aan sociale onrust, destabilisatie van de regio en aan noodgedwongen migratie. Voor goede cultivatie van het land is het nodig dat dit het hele jaar door wordt bewoond en onderhouden. Door droog hout te verzamelen om op te koken worden bossen en leeg land ontdaan van los kreupelhout. Grazende dieren deden 365 dagen per jaar hun werk, en zo was er niet veel meer om te verbranden. Tegenwoordig zijn het platteland, de dorpen en het platteland meer en meer ontvolkt.

Snelle verstedelijking speelt een cruciale rol in het begrijpen van deze situatie. Steden zijn belangrijker dan natiestaten in het vormgeven van de wereld. Terwijl wereldwijd het stedelijke oppervlak slechts 3 procent van al het land beslaat, zal in 2050 naar schatting ongeveer 70 procent van de wereldbevolking in steden wonen. Klimaatverandering dwingt meer mensen van het platteland naar de steden te trekken. Daardoor zijn gigantische stukken land die voorheen werden bevolkt, bewerkt en begraasd door dieren, nu leeg zijn of enkel worden bewoond door een paar vergrijzende mensen. Dit heeft een ideale setting gecreëerd voor veelvuldige en immense ketens van bosbranden. De staat Californië heeft herders ingehuurd om met hun kudden het land te laten begrazen en Portugal is het eerste Europese land dat van landbeheer een prioriteit maakte. Stedenbouwplanners, nationale en regionale planningsdeskundigen moeten hierbij worden betrokken, zich creatief opstellen en zich misschien laten adviseren door onze voorouders en hun methodes.

Vliegtuigen, bomen of wetten

Technologie is belangrijk voor nieuwe oplossingen, maar dat is niet altijd het geval. Griekenland investeerde 1,7 miljard euro in blusvliegtuigen, maar slechts 20 miljoen euro in preventie. Op het moment dat de vliegtuigen nodig waren, konden ze niet worden gebruikt omdat de golven in de zee te hoog waren om water uit te halen. Algerije huurde helikopters van de EU en kocht vier vliegtuigen van Rusland om de branden te blussen. Libanon vroeg om steun van Cyprus en Egypte. Branden zijn een strategische internationale kwestie geworden van onderlinge afhankelijkheid in het Midden-Oosten, Noord-Afrika en Zuid-Europa.

Naast het kopen van blusvliegtuigen, is er ook het goede oude boomplanten. Het planten van bomen en herbebossing is belangrijk, maar de hoeveelheid bomen alleen helpt niet noodzakelijkerwijs bij herstel. Zo zijn er bomen die ervoor zorgen dat branden zich makkelijk verspreiden. De soorten bomen, waar ze staan, hoeveel het er zijn en hoe dicht ze op elkaar staan, zijn allemaal cruciale elementen om het evenwicht en de diversiteit te behouden en de branden te beheersen. Brandende dennenappels en naalden kunnen zelfs een paar honderd meter met de wind meevliegen, waardoor een keten van vuren ontstaat. Dit betekent dat de afstanden tussen gebieden groter moeten zijn dan bijvoorbeeld wegen. Het plannen van bossen met een lagere dichtheid ondersteunt ook betere irrigatie en helpt bomen sneller en sterker te groeien met meer ruimte en licht, terwijl grote branden worden voorkomen. Stads- en regioplanning moeten dan ook samengaan met een caleidoscoop van soorten gronden en bomen die op verschillende manieren worden gebruikt, naast het creëren van bufferzones en het afbranden van gecontroleerde gebieden in de winter als dat nodig is.

Dan zijn er wetten gemaakt om bosbranden te voorkomen en te helpen. De Libanese staat heeft sinds 1949 uitstekende wetten om bossen te beschermen, maar deze worden niet uitgevoerd en er is geen nationaal preventieprogramma in het land. Het is cruciaal om een nationale strategie te hebben waarin de verschillende partners en hun rollen op nationaal en lokaal niveau worden gespecificeerd. Er is financiering en coördinatie nodig voor de uitvoering van de strategie. Wachten tot er brand is, is duurder en zeer moeilijk te beheersen. Met alle verschillende facetten die bijdragen aan natuurbranden, is een holistische preventieve strategie nodig.

Er is een plan

In Libanon is een risicoanalyse gemaakt van natuurbranden op basis van milieu-, geofysische en sociaal-economische aspecten, door het Land and Natural Resources Programme van het Institute of the Environment van de Universiteit van Balamand. Op basis daarvan zijn er suggesties voor brandpreventie opgesteld en openbaar gemaakt. De analyse bracht risicogebieden in kaart waar gemiddeld 92 procent van de bosbranden plaatsvond. Het bood ook een plan voor preventie, respons en herstel. Meer specifiek werd een online tool ontwikkeld, genaamd Firelab  om het brandrisicobeheer op zowel lokaal als nationaal niveau te verbeteren. Brandgevaarvoorspellingen worden dagelijks door Firelab beschikbaar gesteld. Er blijft echter een probleem met het gebrek aan efficiënte reactie. Experts, specialisten, NGO-netwerken, overheid en lokale autoriteiten zouden moeten samenwerken als een gestructureerd en goed voorbereid samenhangend orgaan. De media moeten worden betrokken bij de bewustmaking en de verspreiding van de verkregen informatie. Het landschap moet brandwerend worden gemaakt en de weerbaarheid van burgers moet worden vergroot. Bossen en hout beheren is niet alleen makkelijker en efficiënter dan branden blussen, het collectieve werk bouwt aan sociale cohesie en levert financiële winst op. Dit ondersteunt de ecologische, sociale en economische welvaart en de opleving van plattelandsgebieden.

Collectieve inspanningen zijn in het belang van de bevolking, die een rol moet spelen bij het verdedigen en ontwikkelen van plannen. Want dit werk beschermt hen niet alleen, het levert ook inkomsten op vanuit toerisme of landbouw en draagt bij aan een gezonder milieu. Een goed plan voor de herleving van het plattelandsleven kan voorkomen dat grote inkomensverliezen ontstaan in dergelijke gebieden. Het versterken van de onderlinge samenwerking en coördinatie tussen verschillende organisaties en gemeenschappen zou gedwongen migratie, spanningen tussen burgers en regio’s verminderen en bijdragen aan een bloeiende economie.

Dit artikel is geïnspireerd door een online event over bosbranden in de MENA-regio, in september 2021, met Dr. Hicham Chenaker uit Algerije en Dr. George Mitri uit Libanon. Het event maakt deel uit van het Green MENA Network project van het Grote Midden Oosten Platform, en is hier terug te kijken.

Umayya Abu-Hanna is schrijfster en publicist met een Palestijns-Scandinavische achtergrond. Ze is projectleider van Rethink Amsterdam, een culturele stichting die zich bezighoudt met het diversifiëren van narratieven omtrent Nederlandse en Amsterdamse identiteit.

Deze website gebruikt cookies om uw ervaring te verbeteren. Door op de 'accepteer' knop of andere links in de site te klikken, geeft u aan hiermee akkoord te gaan.